Gelezen: Willem Elsschot: Kaas

Herlezen: Kaas, de geniale Vlaamse klassieker uit 1933 van Willem Elsschot. Kaas gaat over Frans Laarmans, een eenvoudige klerk bij de General Marine and Shipbuilding Company in Antwerpen, die een carrière als groothandelaar in kaas opstart. Laarmans laat zich door een invloedrijke vriend beïnvloeden om contact op te nemen met kaashandelaar Hornstra in Amsterdam en zijn vertegenwoordiger voor België en Luxemburg te worden. Ze beginnen met een lading van twintig ton volvette Edammer:

Klein beginnen is voorzichtig, zei opeens Hornstra, die zeker vond dat ik lang genoeg had nagedacht. Ik zend u de volgende week twintig ton volvette Edammer in onze nieuwe patentverpakking. En naargelang u die verrekent, zal ik uw voorraad aanvullen.” (p. 26)

Waarop Laarmans zich ziek meldt op kantoor, op zoek gaat naar een bureaumeubel, briefpapier bestelt, een schrijfmachine huurt en personeel zoekt; alles dus behalve kaas verkopen.

Elsschot beschrijft genadeloos en vol humor de onafwendbare mislukking van de onderneming van arme ziel Laarmans, die zich door zijn naïviteit en eergevoel laat meetrekken in iets waar hij noch de ondernemingszin, noch het talent voor heeft. Schitterend. 

HipstamaticPhoto-615275497.093469.jpg

gelezen: Randee St. Nicholas: My Name is Prince

Uit: dit grote fotoboek uit 2019 van Randee St. Nicholas, jarenlang de vaste fotografe van Prince. Een boek vol foto’s van shoots, concerten en backstagemomenten. Het is smullen van de prikkelende backstageverhalen van de fotografe.

Dat andere fotoboek van Randee St. Nicholas, 21 Nights, is een uitgebreider verslag van de concertreeks van Prince in de O2 Arena in Londen.

HipstamaticPhoto-615058912.722068.jpg

gelezen: Mohamed Ouaamari: Groetjes uit Vlaanderen

Gelezen: Groetjes uit Vlaanderen, waarin schrijver en columnist Mohamed Ouaamari over de afgelopen 30 jaar in Vlaanderen vertelt vanuit zijn standpunt als Marokkaanse Antwerpenaar en moslim. Over de verwaarlozing van de Seefhoek, de opkomst van extreem-rechts en de reactie daarop van mensen als Dyab Abou Jahjah en Fouad Belkacem.

Een hallucinant moment in het boek is 12 september 2001, de dag na de aanslagen in New York, als hij als 10-jarige Mohamed voor het eerst wordt aangesproken op zijn geloof. Voorheen was hij gewoon een Belgische Marokkaan en was zijn geloof een bijkomstigheid. Die dag veranderde hij voor de klas – en voor de ogen van de wereld – in een moslim. Hij en alle moslims op aarde.

Het boeiende aan het boek is dat je Vlaanderen voor het eerst te zien krijgt vanuit de blik van een Marokkaans jongetje geboren in het jaar van de eerste zwarte zondag, toen het Vlaams Blok een enorme verkiezingsoverwinning behaalde. Daarna wordt hij een jonge moslim (na september 2001) en uiteindelijk een volwassen moslim met een baard.

Over hoe ‘Belg’ genoemd worden onder de Marokkaanse jongetjes op het pleintje als een belediging gold. Over hoe Belgische en Nederlandse Marokkanen op vakantie in Marokko even hard blijken te verschillen als niet-Marokkaanse Belgen en Nederlanders, en dezelfde rivaliteit hebben.

Boek gekregen van de uitgeverij. Foto genomen bij de auteur thuis. Binnenkort kiest Mohamed Ouaamari drie boeken die je moét gelezen hebben als gast in mijn podcast ‘drie boeken’.

HipstamaticPhoto-614100209.710930

gelezen: Roald Dahl: De Griezels

Onder het motto: ‘in een boek zoeken we uiteindelijk toch altijd onszelf’. Voorgelezen aan mijn dochter Roos: een klein boekje in het oeuvre van Roald Dahl: De Griezels. Het verhaal van de vreselijke Meneer en Mevrouw Griezel die apen gevangen houden in hun tuin en elke week vogels vangen met lijm om er vogelpastei van te bereiden. Maar de dieren nemen wraak!

Eerder lazen we ook al Matilda (2 keer), Sjakie en de chocoladefabriek, De reuzenperzik, De GVR en Daantje, de wereldkampioen. Leve Roald Dahl!

HipstamaticPhoto-614100421.953166

gelezen: Roald Dahl: Matilda

Opnieuw (voor de tweede keer) voorgelezen aan mijn dochter Roos: Matilda, het onvergetelijke verhaal van Roald Dahl over het kleine meisje Matilda dat het opneemt tegen het kwade schoolhoofd Juffrouw Bulstronk. Matilda heeft zichzelf leren lezen en is dol op boeken:

De boeken voerden haar mee naar nieuwe werelden en lieten haar kennis maken met wonderlijke mensen die opwindende levens leidden. Ze voer mee op oude zeilschepen van Joseph Conrad. Ze ging naar Afrika met Ernest Hemingway en naar India met Rudyard Kipling. Ze reisde de hele wereld rond in haar kleine kamertje in een Engels dorp.” (p. 20)

Samen met Roos las ik ook al Sjakie en de chocoladefabriek, De reuzenperzik, De GVR en Daantje, de wereldkampioen.

HipstamaticPhoto-613159517.901516

gelezen: Jack Kerouac and William S. Burroughs: And the Hippos Were Boiled in Their Tanks

Een literair curiosum van twee grootheden van de Beat literatuur, die pas tien jaar na dit schrijfsel hun meesterwerken zouden publiceren. And the Hippos Were Boiled in Their Tanks is een roman uit 1945 die de toen onbekende Jack Kerouac en William S. Burroughs samen schreven. Gebaseerd op het echt gebeurde verhaal van hun vriend Lucien Carr en pas 60 jaar later gepubliceerd, in 2008.

Het verhaal speelt zich af in New York tijdens de tweede wereldoorlog. In de no-nonsense schrijfstijl van zowel Kerouac als Burroughs, vertellen ze met veel details het leven van hun groep vrienden waartoe ook Allen Ginsberg behoorde. Ze praten, gaan samen uit in het Greenwich Village van de jaren 1940, en twee van hen zoeken een schip om als matroos mee te varen, ze willen in Parijs geraken. Burroughs vertelt vanuit zijn standpunt als het personage Will Dennison, Kerouac vertelt de andere hoofdstukken als het personage Mike Ryko.

In zijn biografie zegt Burroughs over dit boek: “Kerouac and I were talking about a possible book that we might write together, and we decided to do Dave’s death. We wrote alternate chapters and read them to each other. There was a clear separation of material as to who wrote what. We weren’t trying for literal accuracy at all, (just) some approximation. We had fun doing it.” (Afterword p. 195)

Ik kocht het boek jaren geleden in de legendarische City Lights Bookstore in San Francisco. De uitgeverij City Lights Books publiceerde in 1956 het controversiële gedicht Howl van Allen Ginsberg, opgedragen aan diezelfde Lucien Carr.

HipstamaticPhoto-613073689.186086 2

gelezen: Barack Obama: Dreams from My Father

Herlezen: het eerste boek van Barack Obama, gepubliceerd in 1995, lang vòòr hij president van de Verenigde Staten werd. In Dreams from My Father, A Story of Race and Inheritance vertelt Obama over de eerste jaren van zijn leven en over de zoektocht naar zijn identiteit, naar zijn plaats als zwarte man in de Verenigde Staten, in een cultuur waarin een donkere huidskleur altijd onvermijdelijk met een problematiek geassocieerd wordt.

Het verhaal gaat van zijn jeugd in Hawaï en Indonesië naar zijn studententijd in New York en zijn werk als gemeenschapswerker voor de armere, zwarte gemeenschap van de South Side in Chicago, het begin van zijn politieke engagement.

In het derde deel van het boek gaat Obama op zoek naar zijn roots in Kenia, waar hij zijn familie bezoekt en het verhaal van zijn vader hoort, hoe Obama senior eigenzinnig vanuit zijn gemeenschap naar de Verenigde Staten verhuisde. Het boek stopt vòòr de politieke carrière van Obama begint. Op de laatste bladzijden vertelt hij nog net over zijn huwelijk met Michelle Obama.

Dreams From My Father is een monumentaal boek, een indrukwekkende tocht door het hoofd en het leven van één van de meest bewonderde en inspirerende mensen van onze recente geschiedenis. Qua opbouw is het een parel: het begint met een telefoontje dat meldt dat zijn vader gestorven is; het eindigt met Baracks bezoek aan het graf van zijn vader in Kenia, en een diepe bewustwording van zijn plaats in de samenleving. En dan is er de schrijfstijl van Obama die we kennen van zijn legendarische speeches: bevlogen, ideologisch, verhalen vertellend maar altijd met een hogere bedoeling. Nadruk op de hoop, het goede, het positieve in de mens.

Ik heb genoten van begin tot einde. Ik heb Dreams from My Father in kleine stukjes in het Engels gelezen, telkens voor het slapengaan. Nu begin ik aan The Audacity of Hope, zijn tweede boek. Intussen is het uitkijken naar Obama’s nieuwe boek over zijn presidentschap.

HipstamaticPhoto-612199327.697694

gelezen: Leonard Nolens: Balans

Chinees

Mocht iemand soms denken de kracht te bezitten
je vijand te zijn, ga dan vanavond

naar het alomtegenwoordige water
van de rivier in je tuin en maak

van haar oever je bed. En ga liggen. En wacht.
En kijk tot zijn lijk in het maanlicht voorbijdrijft. (p. 39)

 

Ik heb Balans gelezen, de recentste dichtbundel van Leonard Nolens uit 2017. Nolens werd in 1947 geboren in Bree. Hij heeft meer dan twintig bundels gepubliceerd en is één van de belangrijkste dichters in ons taalgebied. Hij leeft erg teruggetrokken en geeft zelden interviews. In 2018 ontving hij als eerste dichter ooit een eredoctoraat aan de Universiteit Gent.

De titel Balans suggereert het terugkijken op een leven, de balans maken. Tegelijk de zoektocht naar een evenwicht dat voor de dichter moeilijk te vinden is. Er zit afscheid in de bundel (afscheid van familie, van een overleden vriend) en eenzaamheid. Nolens verwijst opnieuw naar zijn verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis zoals in zijn vorige bundel Opzichtige stilte. En er is de steeds terugkerende twijfel van Nolens over zichzelf. Een twijfel die ook prominent aanwezig is in zijn gepubliceerde dagboeken.

Een fragment uit het gedicht Ambitie:

Ben ik dan dom en onhandig, verstrooid, achteropgeraakt?

En toch was mijn leven hier even iets nieuws onder de zon
van hun ginder alwetende dorpspomp, ik had toch de trots van mijn twijfels.
Of was mijn ambitie niets dan de pijnlijke ligging, het gonzen

van dit eenmansklooster? (p. 37)

HipstamaticPhoto-611944443.207464

Leonard Nolens bij Uitgeverij Querido

gelezen: Marieke De Maré: Bult

Prachtig boekje gelezen: Bult, de debuutroman van de Vlaamse theatermaker en schrijver Marieke De Maré. Een gevoelig verhaal over drie eenzame mensen die op een heuvel wonen: een jonge vrouw, een oude vrouw en een lange slanke man. De jonge vrouw is sterrenkundige, de oude vrouw verzamelt knikkers.

De vrouwen plaatsen een haag tussen hun tuinen, een “gemene haag” die het ritme van hun leven zal bepalen. Bult gaat over het vergaan van de tijd, over afscheid nemen, over leven en dood.

‘Neen’, zei de oude vrouw, ‘ik ben niet bang. 
Slechts een beetje voor wie mij moet verliezen, omdat ze soms eens naast een boom zullen staan.
Treuren. Om de vlek in hun boek die doorsijpelt naar de volgende pagina’s. Terwijl de meeste bladzijden toch mooi en onbevlekt zijn?
Ik ben niet bang’, zei ze nog een keer, ‘iedereen kan het.’ (p. 47)

Een verhaal vol verstilling, een klein fijn schilderwerkje, zonder enig bombast. Een verademing van een boekje. Ik heb Bult gekregen van Uitgeverij Vrijdag en op één voormiddag gelezen.

Daar,
waar dat wat ze wisten raakte aan de zee van dingen die ze niet wisten, schitterden het mysterie en de schoonheid van het heelal.

Het benam hun de adem.” (p. 122)

HipstamaticPhoto-611835833.968796 2

de website van Marieke De Maré

gelezen: Jenny Offill: Weersverwachting

Ik heb Weersverwachting gelezen, de derde roman van de Amerikaanse schrijfster Jenny Offill. Aangeraden door zowel Joke Devynck als Liesa Naert in de podcast drie boeken.

Het hoofdpersonage heet Lizzie en werkt in een universiteitsbibliotheek. In het boek lees je haar gedachten: beschrijvingen, losse indrukken, soms piekerend, soms los van enige context, maar samen vormt het wel een verhaal. Vooral de vorm is opvallend: korte paragraafjes die voelen alsof ze op een clou moeten eindigen, maar er is geen clou.

Een nieuwe cursist in de meditatieles vertelt een verhaal over zijn bezoek aan een klooster. Hij zegt dat de sfeer onvoorstelbaar was, zoiets had hij nog nooit meegemaakt. Margot kijkt hem aan. ‘Alleen de mensen die het klooster bezoeken voelen iets. De mensen in het klooster voelen niets’, zegt ze. Ik kan er niets aan doen. Ik moet lachen. ‘Rechtop zitten’, zegt ze tegen me, en haar stem is als een puntige stok.” (p. 50-51)

Ze vertelt over de mensen die ze ziet op haar werk, over het gezinsleven, haar zoon Eli, haar man Ben, haar broer Henry die komt inwonen nadat hij vader is geworden en uit elkaar is gegaan met zijn vriendin.

Langzaam schemert de thematiek van het boek door: een vrees voor een apocalyptische toekomst waarin een groot deel van de aarde onleefbaar wordt en alleen enkele rijken overleven. Er komen preppers ter sprake, mensen die zich klaarmaken voor een naderende ramp. Er zijn discussies over wat de veiligste plek op aarde is als de rampspoed zich afspeelt. Er zijn verkiezingen. Er wordt een autoritaire leider verkozen.

Weersverwachting is een fascinerend boek van een geweldige schrijfster en een bijzondere stem. Het is mijn eerste Jenny Offill-ervaring.

Opmerking: de tekst op de achterflap is een heldere, logische weergave van de ‘verhaallijn’ van het boek. Terwijl die voor mij liever ontstaat tijdens het lezen, en zelfs achteraf nooit zo duidelijk (en eenduidig) is als de korte inhoudelijke samenvatting achteraan. Ik vind het dus zonde om de achterflap te lezen vòòr het boek, een jammere verenging van de leeservaring. Groetjes.

HipstamaticPhoto-611395285.959560

Joke Devynck over Jenny Offill

Liesa Naert over Jenny Offill

gelezen: Elena Favilli en Francesca Cavallo: Bedtijdverhalen voor rebelse meisjes

Een boekentip voor wie een dochter heeft. Voorgelezen aan mijn eigen dochter Roos (7): Bedtijdverhalen voor rebelse meisjes, een boek vol levensverhalen van zelfstandige/rebelse vrouwen van vroeger en nu.

Met ondermeer Florence Nightingale, Frida Kahlo, Malala Yousafzai, Virginia Woolf, Venus en Serena Williams en Michelle Obama. Maar ook de Syrische vluchtelinge en zwemster Yusra Mardini, Margaret Thatcher, de Amerikaanse rechter bij het hooggerechtshof Ruth Bader Ginsburg en architecte Zaha Hadid.

Een verrassend en inspirerend boek over honderd dappere vrouwen, doorzetters die zich niet neerleggen bij de status quo, en emancipatie toen dat woord nog niet bestond. Om jonge meisjes (en oude vaders) te leren dat alles mogelijk is.

Ons aangeraden door Heidi Lenaerts. Danku Heidi.

HipstamaticPhoto-611238090.450640

gelezen: Phil Knight: Shoe Dog

Toen ik vierentwintig was had ik een Gek Idee en op een of andere wijze besloot ik – ondanks dat ik misselijk was van die existentiële angst, angst voor mijn toekomst en twijfel aan mezelf, zoals alle jonge mannen en vrouwen van halfweg de twintig – dat de wereld gemaakt is van absurde ideeën. De geschiedenis is een lange processie van absurde ideeën. De dingen waar ik het meest van hield – boeken, sport, democratie, vrij ondernemerschap – zijn allemaal als absurde ideeën begonnen.” (p. 15)

Shoe Dog is het verhaal van Phil Knight, de oprichter van schoenenmerk Nike. Hij vertelt hoe hij als hardloopfanaat in de jaren 60 het gekke idee had om Japanse loopschoenen te introduceren in de Verenigde Staten. Zijn bedrijfje heette eerst Blue Ribbon en werd later omgedoopt tot Nike. Het logo, de wereldberoemde swoosh, kwam van een stagiaire.

Het is een klassiek Amerikaans succesverhaal. Van rags to riches. Van de kelder van Phil Knights ouderlijk huis die vol schoendozen stond tot het gigantische Nike-wereldhoofdkwartier in Beaverton, Oregon. Met veel smakelijke details beschrijft Knight zijn levensverhaal, gestuwd door zijn passie voor loopschoenen en zijn wil om een mooi bedrijf te maken en daarvan nooit de controle op te geven.

Hij beschrijft de revolutionaire aanpassingen die ze aanbrachten aan de loopschoen. En vertelt over de ontelbare moeilijkheden die hij ondervond om zijn bedrijf overeind te houden: problemen met banken, met hun eerste Japanse leverancier, met de Amerikaanse douane. En vooral: het probleem hoe ze aan de steeds stijgende vraag konden blijven voldoen.

Shoe Dog is een boek dat je aanzet om groots te denken en je passie te volgen, welke moeilijkheden er ook op je pad komen. Het werd mij aangeraden door Erwin Deckers in de podcast ‘drie boeken’. De aflevering komt binnenkort online.

HipstamaticPhoto-610802186.203441.jpg

gelezen: Erwin Mortier: De onbevlekte

Ik heb het prachtige nieuwe boek van Erwin Mortier gelezen. Aangekondigd als de opvolger van zijn debuut Marcel uit 1999, gaat ook dit boek over de grootoom van het ik-personage: Marcel, die sneuvelde toen hij tijdens de tweede wereldoorlog aan de zijde van de Nazi’s tegen het bolsjewisme streed in de Oekraïne. Marcel is de jongere broer van Andrea, de grootmoeder van de ik-figuur, en ‘de onbevlekte’ uit de titel. Andrea heeft niet alleen van haar broer, maar ook van haar ouders en twee van haar kinderen (te) vroeg afscheid moeten nemen.

Ik geloof in de goedheid van God en de genade van Maria, wier naam ik had moeten dragen. De Moeder van Smarten met zeven broodmessen door Haar hart en een achtste door Haar ingewanden waarover niemand spreekt. Ik biecht en ik zwijg. Ik eet op gezette tijden en in de avond leer ik Engels uit mijn woordenboeken en mijn onrustige geheugen.” (p. 30)

De onbevlekte gaat over oud worden, tijd, langzaam weggeduwd verdriet, en het verleden dat ons niet loslaat. Geschreven in het fabelachtige Nederlands van Mortier, die met een onvoorstelbare zintuiglijkheid een beeld schept van het landelijke Vlaanderen in de vorige eeuw.

Het boek begint zo: “Vannacht heb ik gedroomd dat hij weer thuis was. Ik stond in de achterkeuken aan het fornuis. Op de pot met aardappelen danste het deksel. De kat loerde naar het spek op het aanrecht. Rond mijn kuiten jengelden mijn dochters, nijdig van de honger.” (p. 5)

Elke zin is een verrukking. Een verfijnder, sensitiever omgaan met taal vind je niet in de Nederlandse literatuur. Het schrijven van Erwin Mortier is en blijft wonderbaarlijk.

HipstamaticPhoto-609522182.456474.JPG

gelezen: Cormac McCarthy: Meridiaan van bloed

Ik heb de hele paasvakantie aan dit boek besteed: de onvergetelijke roman Meridiaan van bloed (Blood Meridian) van de Amerikaanse schrijver Cormac McCarthy (No Country For Old Men, The Road). Aangeraden door muziekproducer Jo Bogaert in de podcast drie boeken.

Meridiaan van bloed beschrijft een groep Amerikanen die in de tweede helft van de jaren 1800 Indianen afslachten in de grensstreek van Mexico met de Verenigde Staten. Ze trekken rond met hun paarden en krijgen geld voor de scalp van elke Indiaan die ze gedood hebben.

Het boek volgt ‘de jongen’, ‘the kid’, een armzalige jonge recruut in de troep. De missie staat onder leiding van twee mannen: Galton en Holden.

Holden, ‘de rechter’, is een reus die volledig kaal is, hij heeft geen haartje op zijn hele lijf. Hij is een intellectueel, de morele leider van de groep. Op p. 233 zegt hij: “De oorlog is god.” Tegelijk is hij een buitenstaander. Holden is geïnteresseerd in filosofie en paleontologie. Hij spreekt verschillende talen, kan lezen en schrijven en heeft een aantekenboekje waarin hij objecten tekent en observaties noteert, terwijl rondom hem de wreedste executies plaatsvinden.

In dat bonte gezelschap zat hij als een der hunnen en toch alleen, alsof hij tot een geheel andere mensensoort behoorde.” (p. 302)

Meridiaan van bloed is een gruwelijk gewelddadig boek, een voortdurende opeenvolging van het meest bloederige geweld. McCarthy beschrijft de eenzame tocht van de mannen en tegelijk op spectaculaire wijze het machtige landschap, de bergen van de grensstreek, de dieren, de lucht, de droogte en de verzengende hitte van de woestijn. Overal is er geweld, overal schuilt het gevaar en de dood.

Op die manier maakt Cormac McCarthy komaf met elk schijntje heldhaftigheid dat eventueel nog zou hangen aan de verovering van het zogenaamde Wilde Westen. De mannen zijn armoezaaiers, zielige sukkelaars. Ze begaan wrede, nietsontziende, zinloze slachtpartijen bij grotendeels onschuldige Indiaanse gemeenschappen.

Meridiaan van bloed toont de nietige mens in het kolossale landschap, die tegelijk voortdurend op zoek is naar vernietiging, in een vreselijke, voortdurende machtsstrijd.

Wat een onvoorstelbaar, verschrikkelijk, prachtig, verpletterend boek.

Daarna ging hij zitten met zijn handen gevouwen in zijn schoot, zo te zien zeer ingenomen met de wereld, alsof hij bij haar schepping was geraadpleegd.” (p. 134)

HipstamaticPhoto-608845925.739020.jpg

The Official Web Site of the Cormac McCarthy Society

gelezen: Roald Dahl: Sjakie en de chocoladefabriek

Eindelijk gelezen (voorgelezen aan mijn dochter Roos): het legendarische Sjakie en de chocoladefabriek van Roald Dahl. Het fantastische verhaal van de arme jongen Sjakie Stevens, die een gouden chocoladewikkel vindt waarmee hij op bezoek mag in de geheimzinnige chocoladefabriek van meneer Willy Wonka.

Inclusief ongehoorzame kinderen die gestraft worden in een hete chocoladerivier, een vliegende lift en dubieus goedkope werkkrachten genaamd Oempa Loempa’s. Onvergetelijk.

Aangeraden door kinderauteur Kathleen Amant in de podcast drie boeken.

Roos en ik lazen ook al Matilda, De GVR, De reuzenperzik en Daantje, de wereldkampioen.

HipstamaticPhoto-608235455.766739.JPG

gelezen: Bart Moeyaert: Tegenwoordig heet iedereen Sorry

Hartveroverend boek gelezen: Tegenwoordig heet iedereen Sorry, een boek uit 2019 van Astrid Lindgren Memorial Award-winnaar Bart Moeyaert.

Tegenwoordig heet iedereen Sorry gaat over het tienermeisje Bianca. Haar ouders zijn gescheiden, haar broer Alan heeft een aandoening aan de longen. Bianca snakt naar liefde in een omgeving waarin alle aandacht naar anderen gaat. Tot Jazz komt spelen, een vriendje van haar broer, wiens moeder een actrice in haar favoriete soap is.

Bart Moeyaert slaagt erin om je helemaal mee te nemen in de leefwereld van de hoofdpersoon Bianca, terwijl er een hele wereld verborgen blijft tussen de woorden en de zinnen die gezegd worden. Prachtig boek. Onvoorstelbaar subtiel geschreven. Om traag van te genieten.

Soms is de prop in mijn keel klein.
Soms is hij er niet.
Heel soms is hij reusachtig.
Nu is het heel soms.” (p. 68)

Cadeau gekregen van Joris Hessels tijdens de opname van de podcast ‘drie boeken’.

HipstamaticPhoto-607685246.520607.jpg

de website van Bart Moeyaert

gelezen: Connie Palmen: I.M.

Eindelijk gelezen: I.M., het boek over Connie Palmens grote liefde voor de Nederlandse schrijver en presentator Ischa Meijer.

Het boek lijkt een uitgepuurde verzameling dagboekfragmenten. Connie Palmen beschrijft hoe zij en Ischa Meijer verliefd werden op elkaar en hoe hun leven samen eruitzag, hun leven in Amsterdam, hun reizen naar Amerika.

Ze beschrijft gebeurtenissen en uitspraken om een beeld te geven van een hyperintense, alles verpletterende liefde. Connie Palmen en Ischa Meijer wilden de hele tijd in elkaars gezelschap zijn, om te praten over hun leven en hun angsten, over werken en schrijven. Ze discussiëren over het verschil tussen literatuur (Palmen) en journalistiek (Meijer). Ze praten over de moeilijke relatie van Ischa met zijn ouders en zijn familie.

Het meest aangrijpende stuk is het einde van het boek, waarin Connie Palmen de dood van Ischa en haar rouw beschrijft. Hartverscheurend, onmenselijk.

Connie Palmen zet in dit boek schijnbaar een onhaalbare norm voor de liefde. Ze schrijft over een intens diepe band tussen twee mensen, niet alleen romantisch, maar ook intellectueel. Maar uiteraard is dit een literair werk, en heeft Connie Palmen haar eigen beeld geconstrueerd van Ischa Meijer en hun relatie aan de hand van welgekozen feiten, verhalen en conversaties. Laten we deze fictie niet met de realiteit gelijkstellen. Geen zorgen dus, er is nog hoop voor romantisch-intellectuele lovers.

Onlangs waren Marie en ik in Amsterdam op de 25ste sterfdatum van Ischa Meijer. We hebben zijn graf bezocht op begraafplaats Zorgvlied, waar naast hem nog een plekje vrij is – naar verluidt voor Connie Palmen.

I.M. is een onvergetelijk boek. Het werd mij aangeraden door Leen Dendievel in de podcast drie boeken.

HipstamaticPhoto-607190632.377278.jpg

gelezen: Prince & Randee St. Nicholas: 21 Nights

‘Gelezen’ is veel gezegd, 21 Nights is vooral een fotoboek, met songteksten en gedichten van Prince én foto’s van zijn vaste fotografe Randee St. Nicholas. Op de kaft wordt het een full-color photographic essay genoemd, wat dat ook moge betekenen.

In 2007 heeft Prince 21 avonden opgetreden in de O2 Arena in Londen, een legendarische reeks van uitverkochte concerten. Prince verbleef toen in The Dorchester in Londen. Dat hotel is eigendom van de sultan van Brunei, een man die naar verluidt 7000 luxewagens bezit en jaren geleden de sharia invoerde in zijn minilandje. Hij is dus officieel niet dol op kleine mannetjes op hoge hakken die met een falsetstem “But you’re such a hunk. So full of spunk. I’ll give you head. ’Til you’re burning up. Head. ’Til you get enough” gillen.

Maar de sultan zat in zijn eigen paleis in Brunei, en daarom mocht Prince in de suite. Of Prince daar veel tijd doorgebracht heeft, is de vraag. Na zijn geplande concerten in de O2 Arena heeft hij nog diverse nachtelijke aftershows gespeeld in de Indigo club naast de arena.

Fotografe Randee St. Nicholas heeft portretten gemaakt van Prince en zijn entourage in de O2 Arena en in The Dorchester. De foto’s tonen een gestileerde Prince in zijn hotelkamer en ’s nachts buiten op straat. Het zijn geen real life-foto’s; iedereen is geschminkt en gestyled, alles is geposeerd, met zelfs sexy kamermeisjes in jaretellen. Er staan slechts enkele (live) podiumfoto’s in het boek. De gedichten in het boek zijn voornamelijk songteksten van Prince.

Het boek bevat ook een cd met live-registratie van de aftershows in de Indigo Club.

HipstamaticPhoto-606568232.372400.jpg

gelezen: Dimitri Verhulst: Onze verslaggever in de leegte. Ongedateerde dagboeken.

Gelezen: het nieuwe boek van Dimitri Verhulst. Het is niet echt een verhaal, met een begin en een einde; het is eerder een illustratie van momenten van wanhoop in het leven van de schrijver en de mens Dimitri Verhulst. Vandaar de ondertitel: Ongedateerde dagboeken.

Een boek vol liefdes die verloren gaan, drugs (cocaïne vooral) en veel drank. De hoofdpersoon drinkt zich te pletter bij elke mogelijke gelegenheid. De verhalen spelen zich af op verschillende tijdstippen en verschillende plaatsen (Gent, Los Angeles, Frankrijk, Toronto), maar overal speelt drank een kolossale rol.

In die zin is Onze verslaggever in de leegte een soort droevige weerspiegeling van het meesterwerk De helaasheid der dingen, waarin de marginale, alcoholminnende familie van Dimitri Verhulst met veel humor wordt beschreven. In dit boek bekent Verhulst dat hij (tijdelijk) hetzelfde pad is opgegaan.

De reden voor deze “zomer van het grote zuipen en het grote snuiven” (p. 154) staat achteraan in het boek:

de ondubbelzinnige zelfdestructie manifesteerde zich een hele poos vòòr de eerste huilerige letter dit schrift bevuilde. Toen ik door een rancuneuze, zieke ex werd aangeklaagd voor verkrachting. Toen mijn uitlevering naar dat intrieste buitenland werd geëist. Toen ik de vernedering onderging mij te moeten verantwoorden voor iets wat ik niet had gedaan.” (p. 152)

Onze verslaggever in de leegte is een treurig relaas van een menselijke ondergang, maar zoals steeds: geweldig geschreven.

HipstamaticPhoto-605628119.309799.jpg